Na groep 3 kan je kind lezen. In groep 4 moet het vlot worden. Wat er verandert, welk niveau erbij hoort, welke woorden lastig zijn en hoe je thuis oefent.
In groep 3 leert een kind hoe lezen werkt: letters omzetten in klanken en die aan elkaar plakken. Aan het eind kent het alle letters en de meeste tweetekenklanken. Maar het leest vaak nog woord voor woord, soms letter voor letter.
In groep 4 verschuift het doel. Een woord als maan moet je kind niet meer hakken, maar in één oogopslag zien. Dat heet automatiseren, en het is wat de school met een tempotoets meet. Pas als korte woorden vanzelf gaan, houdt een kind aandacht over voor lange woorden en voor wat er eigenlijk staat.
Scholen gebruiken AVI om aan te geven hoe moeilijk een tekst is. Dit is de gebruikelijke lijn door groep 4:
Daarnaast neemt de school meestal twee keer per jaar de DMT af: één minuut per kaart zo veel mogelijk woorden goed lezen. Die toets meet tempo, geen begrip. Meer over AVI en DMT staat op de pagina over leesniveau.
In groep 3 klinkt bijna alles zoals je het schrijft. In groep 4 komen de uitzonderingen. Dit zijn de soorten woorden waar kinderen het vaakst op vastlopen.
ma-nen, maar man-nen
Eindigt een lettergreep op een klinker, dan klinkt die lang, ook met één letter. Daarom schrijf je manen met één a. Mannen krijgt twee n'en, anders zou de a lang klinken.
aar-dig, ge-zel-lig, vro-lijk
Je hoort uh, maar je schrijft ig of lijk: aardig, gezellig, vrolijk. Kinderen leren dit als rijtje, niet door te hakken.
trein en fijn, koud en blauw
Twee manieren om dezelfde klank te schrijven. Lezen gaat vanzelf, want ze klinken gelijk. Bij spelling moet je kind onthouden welke het is.
beer, door, deur
Voor een r klinken ee, oo en eu anders dan normaal. Bij beer klinkt de ee bijna als ie, maar je schrijft ee.
voet-bal-veld, ver-jaar-dag
In groep 4 worden woorden langer. Het trucje: eerst in lettergrepen verdelen, elk stukje lezen, dan aan elkaar. Hakken en plakken, maar met grotere brokken.
Zet een wekker op een minuut. Je kind leest de woorden van boven naar beneden, kolom voor kolom. Tel hoeveel er goed gingen en schrijf het op. Doe het een week later opnieuw met dezelfde kaart: dan zie je vooruitgang, en je kind ook.
Alle woorden komen uit de leerstof van groep 3. Gaat de eerste kolom nog niet vlot, dan is dat het beste startpunt: eerst korte woorden automatiseren, dan pas lange.
Eerlijk gezegd: de app gaat over de leerstof van groep 3, tot en met de tweetekenklanken. Voor een kind aan het begin van groep 4 is dat nuttig als herhaling, zeker het flitsen van letters en het lezen van korte woorden, waar tempo in zit. Lange woorden en begrijpend lezen zitten er nog niet in.
Alles op deze pagina kun je hier meteen oefenen. Gratis, zonder advertenties, en alles wordt voorgelezen, dus je kind kan zelf aan de slag.
Beginnen